Geplaatst door Wyke Potjer maandag 12 oktober 2026 Duurzaam wonen

Architect Anton Surink ontwierp zijn eigen woonark in Amsterdam: “Dit is de ideale combinatie van stad en natuur”

Het is misschien het best bewaarde geheim van Amsterdam: achter het Olympisch stadion en de sportvelden, midden in het groen, liggen zo’n 15 steigers met aan weerszijden woonarken en woonboten. Sinds kort ligt hier de duurzame woonark van architect Anton Surink en zijn partner Jochem. “Hier wonen is de ideale combinatie van stad en natuur,” vertelt Anton terwijl hij ons rondleidt.

Foto’s: Marie van der Heijden

Om hier een plekje te bemachtigen, moet je mazzel hebben, weet Anton. Als architect is hij gespecialiseerd in waterwoningen, oftewel woonarken. Inmiddels drijven in deze buurt tien woningen die Anton heeft ontworpen. “Omdat ik hier veel werkte, was ik goed op de hoogte van wat er speelde en wist ik dat het niet zo goed ging met Jan, die hier voor ons woonde.”

Toen hij was overleden deed een handjevol geïnteresseerden een bod en ging de plek naar Anton en Jochem. “We hebben hier ongeveer 4 jaar in zijn oude boot gewoond, omdat we het ontwerp nog moesten maken en de vergunningen nog moesten regelen. Dat is ongeveer hoelang dat duurt.”

Anton sloot de hypotheek voor zijn duurzame woonark af bij Triodos Bank. Ook op zoek naar een hypotheek bij een duurzame bank? De hypotheekadviseurs van Triodos Bank helpen je graag verder. Daarbij staat duurzaamheid hoog in het vaandel en krijg je een gratis energiebespaaradvies passend bij jouw woning. 
> Lees alles over Triodos Hypotheek

Met tijd en ruimte wordt een huis beter

Die tijd heb je ook nodig. “De projecten die tijd en ruimte krijgen, worden beter,” legt Anton uit. Hij raadt zijn opdrachtgevers dan ook altijd aan om eerst een tijdje op een bepaalde plek te wonen in de oude boot die er al ligt. “Dan krijg je veel meer gevoel bij zo’n plek en de omgeving. Dan weet je bijvoorbeeld waar de ramen moeten zitten om het meest fantastische uitzicht en de beste lichtinval door de seizoenen heen te hebben. Daar kan ik dan weer rekening mee houden in het ontwerp.”

Zelf woont Anton inmiddels zo’n 20 jaar op het water. “Eerst woonde ik op de Amstel en daarna in het centrum op de gracht. Maar dit is zo’n fantastische plek met vrij uitzicht over de Schinkel dat ik denk dat ik hier nooit meer weg wil.” Dat hij ooit de overstap maakte van een appartement in de Jordaan naar wonen op het water, was geen grote verrassing.

Hij groeide op in een zeilfamilie en droomde ervan ooit op een zeiljacht te wonen. “Maar een zeiljacht is echt wel primitiever dan een woonark. Dat wil niet iedereen, dus toen ik relaties kreeg veranderde dat beeld. Heel even overwoog ik nog een schip, maar dat is veel meer werk qua onderhoud dan een woonark, waar je in principe niks meer buiten regulier onderhoud aan hoeft te doen als deze eenmaal af is.”

Nu ‘kampeert’ hij tijdelijk in zijn eigen woonark die nog niet af is. Met een campingtafeltje bij wijze van aanrecht en een opblaasbank met uitzicht over het water. De keuken en de houten vloeren moeten er nog in. De zonnepanelen moeten nog op het dak. De verticale tuin met inheemse planten moet nog aangelegd in de gevel. En op het dakterras komen nog ingebouwde banken en een glazen plaat om ook daar van het uitzicht te kunnen genieten.

De perfecte combinatie van stad en natuur

Anton is een stadmens, maar ook een natuurmens. Dat komt hier mooi samen. Zo zwemt er dagelijks een meerkoet langs de open pui om brood te vragen. Tot groot ongenoegen van hond Lobby die dat brood liever voor zichzelf houdt. Een paar meter verderop dobbert een jonge fuut in afwachting van de moeder die onder water op vis aan het jagen is.

“De meerkoet had ook drie jongen dit jaar, maar die zijn allemaal opgegeten. Of door de meeuwen, vanuit de lucht, of door een snoek, vanuit het water. Dat is de harde realiteit van de natuur die je hier vanuit je woonkamerraam ziet gebeuren.” Als de woonark af is, zal hij tussen zijn eigen woning en die van de buren een autoband met groen voor de meerkoet neerleggen, zodat de jongen beter beschermd zijn.  

Maar eerst moet zijn eigen huis af.  “Met mijn eigen woonark ben ik net een stapje verder gegaan als het gaat om duurzaamheid, omdat ik het leuk vind om te experimenteren en te kijken wat dat oplevert.”

Luchtdicht bouwen

Zo heeft hij de woonark luchtdicht gebouwd. Dat klinkt gek in een tijd waar de nadruk ligt op isolatie én ventilatie. Maar luchtdicht betekent niet dat er niet geventileerd wordt, legt Anton uit.

“Normaal gesproken zet je de contactdoos bijvoorbeeld in de bouwkundige wand, maar daarmee ontstaat eigenlijk een gat in de beschermende folie (het folie zorgt ervoor dat er geen vocht in je isolatie trekt – red). Daarom heb ik ervoor gekozen om de HSB-wanden (houtskeletbouw) en folies ononderbroken te bouwen en alle technische dingen daar dan nog weer voor te zetten in een aparte installatiespouw. Dat heeft wel tot gevolg dat de wanden bijna 40 cm dik zijn, dus je verliest ruimte. Maar daar krijg je extra isolatiewaarde voor terug en mijn uiteindelijke doel is om bijna niet te hoeven stoken. Dat hoop ik hiermee te bereiken.”

Het ventilatiesysteem haalt de lucht van buiten en zorgt dat deze op kamertemperatuur is voordat de lucht het huis in geblazen wordt. Dat scheelt energie.

Energiezuinig koelen en verwarmen

De vloerverwarming is tegelijkertijd een vloerverkoeling. Airco is dus niet nodig.  “Als je wilt koelen, heb je vaak heel veel energie tot je beschikking, omdat de zon schijnt. Bovendien woon je op het water; dat koelt de woning niet alleen van onderen, maar zorgt er ook voor dat als je thuiskomt, je alle puien openzet en lekker het water in plonst.”

Een stukje verderop markeert een geel touw met drijvende ballen een zwemgebied, maar hier duikt iedereen vanaf de boot zo het water in. “Het komt regelmatig voor dat de buurvrouw langs ons huis zwemt en dat we dan heel even een praatje maken voordat ze doorzwemt,” lacht Anton, die een zwemplatform mét buitendouche aan zijn ark heeft gebouwd.

Wel of geen thuisbatterij

Terwijl we aan het praten zijn, wordt er aangebeld. De installateur van de zonnepanelen komt de woonark bekijken, zodat hij een passend advies kan uitbrengen. Er is ruimte voor 9 panelen. “Ik heb het dak ingedrukt, waardoor er een soort bak ontstaat waardoor je de zonnepanelen niet ziet als je bijvoorbeeld komt aanvaren, want dat vind ik niet mooi,” lacht Anton.

Rond de zonnepanelen komt een sedumdak. “Dat heeft esthetische waarde, maar ook een warmte reducerende werking. Het houdt je huis en de zonnepanelen koel. En het lijkt me heel leuk dat je vanaf het dakterras die zonnepanelen in een soort van bedje van groen ziet liggen.”

Om de zonnepanelen optimaal te kunnen benutten, overweegt Anton het plaatsen van  thuisbatterijen. “Ik heb alles voorbereid om ze te kunnen installeren, maar ik wil eerst met het systeem wat ik nu gecreëerd heb alle seizoenen meemaken om zo te zien waar ik eventueel tekortkom en hoe ik dat duurzaam kan oplossen.”

“We zijn ook met de steiger aan het kijken of iedereen een wat kleinere accu kan nemen, in plaats van een groot pakket, die we aan elkaar kunnen lussen. Op die manier kunnen we elkaar ook van energie voorzien, natuurlijk met een meter ertussen. Als je allemaal veel capaciteit neerzet die je wellicht helemaal niet gebruikt, is dat een beetje een overkill.”

Wanden van bamboe

Voor alles aan de woonark heeft Anton een zorgvuldige afweging gemaakt qua duurzaamheid. Zo heeft hij gekozen voor een houten vloer, laat hij de balken in het plafond van de houtskelet bouw zichtbaar en is de gevel bekleed met bamboecomposiet.

“De meeste mensen kiezen voor hout, maar bamboe is een snelgroeier. Bamboe rooi je niet, dat snoei je en laat je dan terug groeien met nieuwe scheuten, terwijl je een boom echt rooit: die is dan weg en komt niet meer terug.”

Hier moet hij wel een kleine kanttekening bij maken. “Kijk, van hout zaag je planken, maar van bamboe maak je een composiet, dus je perst het met harsen. Dat is een chemisch proces en dat levert discussies op. Zelf heb ik echt de hoop dat ze een manier vinden om dat composiet met veel duurzamere bindmiddelen te maken, maar dan moet je er wel in investeren en het gebruiken, anders gaat dat niet gebeuren.”  

Waterwonen is duurzamer

Volgens Anton is een waterwoning beter bestand tegen klimaatverandering dan een regulier woonhuis. “Sowieso omdat je niet te maken hebt met een VVE en dus meer vrijheid hebt om te verduurzamen. Maar ook omdat een waterwoning mee dobbert op een stijgend of dalend waterpeil. “De ene keer stap je naar beneden en de andere keer omhoog op de steiger.”  

Lees ook: Eva en Arjan bouwden een duurzame woonark in Utrecht met A+++ label

Mis geen enkel woonverhaal, schrijf je in voor de Anders Wonen Maand

Van 1 tot 31 oktober organiseren hetkanWEL en Triodos Bank voor de vijfde keer de Anders Wonen Maand. Dat betekent dat oktober volledig in het teken staat van wonen en we elke week een speciale nieuwsbrief versturen over verschillende thema's. Wil je niets missen? Schrijf je dan in voor de nieuwsbrief. Die stopt automatisch aan het einde van de maand.

Over de schrijver

Wyke Potjer

Wyke Potjer is content manager van hetkanWEL. Ze heeft journalistiek gestudeerd en werkt sindsdien fulltime voor landelijke radio, televisie, print en online media. Ze is vegan, heeft geen auto, probeert plastic uit haar leven te bannen en biologisch te eten. Naast haar freelance bestaan als journalist geeft ze yogales (vinyasa en yin).

Reacties

Geen reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Copyright 2025 Fonticons, Inc.--> Share