Een eigen huis. Gedeelde ruimtes, auto’s en gereedschap. Buren die elkaar helpen. En misschien zelfs een moestuin waar iedereen uit kan oogsten. In een tiny house community kiezen mensen niet alleen voor minder vierkante meters, maar ook voor een andere manier van samenleven. Van een ecologisch dorpje in Noord-Holland tot experimentele woonplekken in Brabant en Groningen: we zetten 12 bijzondere initiatieven voor je op een rij.
Fotografie: Marie van der Heijden, Pieter van den Boogaart, Jonah Samyn
Een tiny house klinkt voor veel mensen aantrekkelijk. Minder spullen, lagere woonlasten en misschien wel meer tijd om de dingen te doen die je echt belangrijk vindt. Maar wie klein woont, hoeft natuurlijk niet alles alleen te doen. Sterker nog, juist door bepaalde dingen te delen in een tiny house community, kun je met minder ruimte toe.
Zo delen bewoners van een tiny house community vaak een (moes)tuin, een logeerkamer, een auto, gereedschap of gewoon een plek waar je elkaar kunt ontmoeten. Maar misschien nog wel het belangrijkste van een tiny house community: je kent je buren. Niet alleen van een vluchtige groet bij de voordeur, maar omdat je samen iets opbouwt, onderneemt en onderhoudt.
Dat betekent overigens niet dat iedereen voortdurend bij elkaar op de de bank zit en de sociale controle op standje maximaal staat. Juist de combinatie van een eigen, zelfstandige woonplek en een hechte gemeenschap maakt deze woonvorm interessant.
Hoe ziet dat een tiny community er in de praktijk uit? Deze twaalf Nederlandse projecten laten zien hoeveel mogelijkheden er zijn.
In het Noord-Hollandse Koedijk ligt LiberTerra, een kleine woongemeenschap met tien verplaatsbare woningen. De tiny houses verschillen in grootte, van ongeveer 23 tot 62 vierkante meter. Maar het bijzondere zit vooral in alles wat eromheen gebeurt. Bewoners werken samen aan een groene leefomgeving, met onder andere een eetbare tuin en aandacht voor biodiversiteit. Ook onderzoeken ze hoe ze slimmer kunnen omgaan met water, energie en grondstoffen.
Hier draait klein wonen dus niet alleen om een compact huis, maar ook om de vraag hoe je met elkaar zo duurzaam mogelijk kunt leven en de natuur kan ondersteunen en versterken. Een mooie inspiratiebron voor iedereen die droomt van een eigen plek in een tiny house community midden in het groen, maar niet geheel alleen.
De bewoners kregen hier in eerste instantie een woonvergunning voor 5 jaar, wat verlengd werd naar tien jaar. Daarom zijn alle huizen zo verplaatst dat ze verplaatsbaar zijn naar een andere locatie, al hopen de bewoners er permanent te mogen blijven.
Wie denkt dat een tiny house altijd een houten huisje op wielen is, moet eens naar Minitopia kijken. Op deze experimentele woonplek in Den Bosch vind je allerlei bijzondere kleine woningen: van iglo tot containerwoning en strohuis. Bewoners krijgen er ruimte om zelf te ontwerpen en bouwen en daarbij te experimenteren met bouwmaterialen, vormen en manieren van wonen. Dat levert een bont geheel op van woningen die je niet snel in een doorsnee nieuwbouwwijk tegenkomt en die daardoor veel bekijks trekken.
Minitopia laat zien wat er kan ontstaan als je bewoners meer vrijheid geeft om hun eigen woonomgeving vorm te geven. De huisjes zijn gebouwd op een voormalige vuilstortplaats. Volgens de huidige afspraken mogen de bewoners hier tot april 2028 wonen. Ook deze huizen zijn dan ook verplaatsbaar.
De locatie in Den Bosch was de eerste tiny house community van de initiatiefnemers van Minitopia. Inmiddels hebben ze in Valkenswaard, Eindhoven, Roosendaal en Dongen ook kleine buurten ontworpen en gebouwd voor tiny houses.
In Ten Boer, vlak bij Groningen, ontstond op het terrein van Woldwijk een bijzondere plek voor mensen die anders willen wonen, werken en leven. Naast een tuinder, 2 agrariërs en een energiecoöperatie, zijn er drie woongebieden op het terrein waaronder Tiny House Woldwijk. De bewoners van deze tiny house community bouwden hier hun eigen kleine huizen, binnen het grotere initiatief waarin samenwerking en duurzaam leven centraal staan.
Wat Woldwijk interessant maakt, is de manier waarop bewoners zelf betrokken zijn bij de ontwikkeling van hun woonomgeving. Niet een projectontwikkelaar die precies bepaalt hoe alles eruit moet zien, maar mensen die samen onderzoeken wat mogelijk is. Vorig jaar is de vergunning om op Woldwijk te mogen wonen verlengd tot 2032. Inmiddels vinden er gesprekken met de gemeente Groningen plaats over een permanente plek voor Woldwijk.


Ook in Delft gingen bewoners zelf aan de slag. In het Pionierskwartier staat een tiny house community die door de bewoners is gerealiseerd. Sommige woningen zijn deels zelfvoorzienend, bijvoorbeeld op het gebied van energie. Het project is georganiseerd vanuit een wooncoöperatie. Dat betekent dat bewoners niet alleen hun eigen huis regelen, maar ook samen afspraken maken over hun woonomgeving.
Juist dat gezamenlijke organiseren maakt het interessant. Want een tiny house bouwen is één ding, maar hoe regel je de grond, de voorzieningen en de samenwerking met de gemeente? In Delft laten bewoners zien dat het kan, al is ook deze locatie voorlopig tijdelijk.
In Den Helder vind je tiny house community De Falgatuinen, een tiny house-project waar bewoners kleine woningen konden realiseren op grond van een woningcorporatie. Hier gaat het niet om een tijdelijk experiment, maar om een project met een permanente woonbestemming. En dat is belangrijk. Want wie klein wil wonen, wil niet per se om de paar jaar zijn huis verplaatsen. Ook tiny house-bewoners willen ergens kunnen wortelen, een tuin aanleggen en een band met hun buurt opbouwen.
De Falgatuinen laten zien dat kleine woningen ook een blijvend onderdeel van een stad kunnen worden. Daarvoor moeten gemeenten en woningcorporaties wel bereid zijn om ruimte te maken voor andere woonvormen.



In Katwijk namen bewoners zelf het initiatief voor Tiny Houses Duinvallei. Hier kwamen acht kleine woningen, waarvan de bewoners zoveel mogelijk zelfvoorzienend proberen te leven. De huisjes verschillen van elkaar, maar de bewoners delen ook voorzieningen en maken samen afspraken over hun woonplek.
Wat deze tiny house community interessant maakt, is dat het vanuit de bewoners zelf is ontstaan. Mensen die niet wachten tot iemand anders hun ideale woning bouwt, maar samen aan de slag gaan. Dat vraagt natuurlijk behoorlijk wat doorzettingsvermogen. Want naast het ontwerpen en bouwen van een huis moet je ook afspraken maken met de gemeente, vergunningen regelen en samenwerken met je toekomstige buren.
Je hoeft niet meteen een compleet dorp te bouwen om anders te wonen. In het Friese Hurdegaryp ontstond een klein straatje met vijf tiny houses. Bewoners van deze tiny house community konden hun woningen naar eigen wens indelen. Zo heeft iedereen een eigen plek, terwijl de huisjes samen een kleinschalige woonomgeving vormen.
Misschien is dat juist wel een interessante les voor andere gemeenten. Want niet iedere stad of ieder dorp heeft ruimte voor een groot tiny house-project. Maar vijf kleine woningen op een geschikt terrein? Dat zou op veel meer plekken denkbaar zijn. Het laat zien dat klein wonen ook op kleine schaal een alternatief kan bieden voor de gebruikelijke nieuwbouw.
In Almere Poort staan zestien kleine woningen die voortkwamen uit een ontwerpwedstrijd. Het resultaat is een verzameling van heel verschillende huizen, met slimme oplossingen om op weinig vierkante meters toch prettig te kunnen wonen. Bij dit project ligt de nadruk vooral op de architectuur en het experimenteren met compact wonen. Het is dus minder een traditionele tiny house community waarin bewoners veel voorzieningen delen.
Toch hoort Almere in dit overzicht thuis. Want de BouwEXPO laat zien dat een klein huis niet automatisch een standaardontwerp hoeft te hebben. Er zijn allerlei manieren om met beperkte ruimte om te gaan. En misschien kunnen zulke ideeën ook een plek krijgen in gewone woonwijken, waar kleine en grotere woningen naast elkaar staan.



In Emmeloord werd Tiny Parque ontwikkeld, een compacte woonwijk met dertig kleine woningen van ongeveer 54 vierkante meter. De woningen staan op eigen kavels, maar bewoners delen ook delen van de buitenruimte, zoals paden en groenvoorzieningen. Het project laat zien hoe klein wonen een plek kan krijgen binnen een meer traditionele woonwijk. Niet iedereen hoeft volledig off-grid te leven of zijn eigen huis te bouwen om kleiner te kunnen wonen en onderdeel te zijn van een tiny house community.
Tiny Parque is daarmee vooral interessant als voorbeeld van hoe gemeenten en ontwikkelaars compacte woningen kunnen opnemen in hun woningaanbod.
In Almere Oosterwold, een gebied waar bewoners veel zelf mogen organiseren, ligt de tiny house community Isala van Diesthof. Hier is ruimte gemaakt voor vijftien kleine woningen. Oosterwold staat bekend om zijn bijzondere aanpak. Bewoners hebben er veel vrijheid, maar moeten ook zelf verantwoordelijkheid nemen voor onderdelen van hun leefomgeving, zoals de straatverlichting en de vuilophaal.
Dat maakt het gebied interessant voor mensen die niet alleen anders willen wonen, maar ook willen meedenken over hoe hun buurt eruitziet. Isala van Diesthof laat zien dat tiny houses onderdeel kunnen zijn van een grotere ontwikkeling waarin bewoners zelf een belangrijke rol spelen.
Midden in het Limburgse landschap, vlak bij Schimmert, ligt tiny house community Op de Bees. Hier bouwen achttien bewoners aan een kleine woongemeenschap met elf verschillende huisjes. Het ene huis is gemaakt van hout, het andere van kurk of leem. Allemaal met aandacht voor duurzaam bouwen en een zo klein mogelijke ecologische voetafdruk.
Maar Op de Bees draait om meer dan alleen de huisjes. Bewoners beheren samen het terrein en werken aan een groene omgeving met onder andere een voedselbos en een wadi die regenwater opvangt. Ook delen ze gereedschap en tuinspullen. Het plan is om een gemeenschappelijk gebouw te realiseren met onder meer een wasmachine en droger. Daar willen ze ook schoolklassen ontvangen om kinderen meer te leren over de natuur.
De gemeente Beekdaelen stelde de grond beschikbaar, maar de bewoners moesten verder veel zelf regelen. Van vergunningen en voorzieningen tot het inrichten van het terrein. Ze richtten daarvoor een vereniging op die de grond van de gemeente pacht.
In een duurzame zelfbouwwijk in Deventer, werd een klein stuk gereserveerd voor 8 tiny houses waar bewoners samen met de woningbouw hun huis en buurt mochten ontwerpen. Het hele traject heeft drie jaar geduurd en was behoorlijk intensief voor de bewoners, maar daardoor wonen ze nu wel betaalbaar op een steenworp afstand van de IJssel en van het centrum van de stad in een tiny house community. De huurhuizen zijn zoveel mogelijk met biobased materialen gebouwd en houden rekening met de natuur. Zo zijn er nestkasten en een gemeenschappelijke tuin vol inheemse planten die de biodiversiteit bevorderen.
Wat opvalt aan deze tien projecten, is hoe verschillend ze zijn. Sommige zijn echte woongemeenschappen waarin bewoners samen tuinen onderhouden, voorzieningen delen en gezamenlijk beslissingen nemen. Andere zijn vooral kleine woonwijkjes met compacte huizen. Ook de manier waarop ze zijn ontstaan verschilt. Soms nemen bewoners zelf het initiatief, soms maakt een gemeente ruimte en soms speelt een woningcorporatie of ontwikkelaar een belangrijke rol.
En er is nog een belangrijk verschil: de ene tiny house community heeft een permanente plek, terwijl de andere na een aantal jaar misschien weer moet verdwijnen. Dat is misschien wel een van de grootste uitdagingen voor deze communities in Nederland. Er zijn genoeg mensen die anders willen wonen, maar geschikte grond vinden en toestemming krijgen blijft ingewikkeld.
Wil je meer informatie over wonen in een tiny house? Kijk dan op TinyFindy.
Zou jij in een tiny house community willen wonen? Of woon je al op zo’n plek? We zijn benieuwd naar je ervaringen!
Asceline Groot is partner bij hetkanWEL, onderzoeker, specialist op het gebied van duurzame trends en ontwikkelingen en co-auteur van het boek 'hetkanWEL. Voor een groener, eerlijker en leuker leven'. Daarnaast heeft ze een PhD aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Ze deed onderzoek hoe social enterprises hun ideeën ontwikkelen.
Reacties
Geen reacties