Het is algemeen bekend dat Valencia (de 4e best bezochte stad van Spanje) een paradijs is voor fietsers. De stad is vlak en kent meer dan 150 km aan fietspaden die je van noord naar zuid en van oost naar west brengen. Maar ook in de omgeving van Valencia kan je prachtige fietstochten maken. Ik zet 3 fietstochten voor je op een rij die je niet wil missen.
Heel Spanje kent de zogenaamde Vias Verdes: oude spoorlijnen waarbij de rails vervangen zijn door toegankelijke fietspaden. In de buurt van Valencia ligt de langste ‘groene weg’: 200 km van Aragón tot vlakbij de kust van Valencia.
Wij fietsen 40km van Barracas naar Navajas, door uitgehouwen bergen, donkere tunnels en vooral langs heel veel uitbundig bloeiende amandelbomen die de lente aankondigden. Onze fietstocht begon boven op de berg, waar de wind fluitend vrij spel kreeg tussen de windmolens, en ging vanaf daar bergafwaarts waardoor trappen op hele stukken overbodig bleek.



We lunchten (plantaardige) tapas op een zonnig dorpsplein in Jérica en eindigden met een kleine wandeling naar de waterval van Navajas, een dorp waar rijke Valencianen villa’s bouwden om in de zomer van de koele berglucht te kunnen genieten.
Tip 1: wij lieten ons afzetten en ophalen door Richard van Kruchten, een lokale Nederlandse reisbegeleider die al ruim 15 jaar in Valencia woont. Hij organiseert voor Better Places ´ontdekkingsreizen´ in het achterland van Valencia. Dat maakt het fietstochtje net even wat makkelijker.
Tip 2: kleed je warm aan, want de wind op het beginpunt kan behoorlijk gemeen door je jas snijden is mijn ervaring. Naarmate de fietstocht vordert wordt het beschutter en kunnen de warmere laagjes in de fietstas.
De horta is een landbouwgebied vlak boven Valencia, die je makkelijk met de fiets kan bereiken. Je fietst langs het strand en via het schilderachtige Port Saplaya over de snelweg heen zo de velden op. Hier heeft nog geen ruilverkaveling plaatsgevonden, dus je vindt hier een lappendeken van kleine akkertjes (die nu vol stonden met artisjokken en volle sinaasappelbomen) die vaak nog met de hand geoogst worden en waar een geniaal watersysteem is aangelegd met betonnen kanaaltjes en sluizen waardoor er nooit gesproeid hoeft te worden.



Hier en daar zijn nog traditionele witte huizen met schuin dak waar de mensen beneden wonen en de bovenverdieping gebruikt wordt om de oogst te laten drogen terwijl de wind onder het dak door raast. Zo kunnen de plaatselijke boeren het hele jaar door in hun eigen levensonderhoud voorzien.
Tip: het leukste is om hier met een gids doorheen te fietsen die je ook wat informatie kan geven, want anders lijkt het ‘gewoon’ boerenland te zijn waar je doorheen fietst. Richard van Kruchten kan ook hier een begeleide fietstocht voor je organiseren.
Hoe kom je in Valencia? Ik ben met de trein gegaan:
1. Neem de Eurostar van Amsterdam naar Parijs (3,5 uur)
2. In Parijs neem je op Garde du Nord metrolijn D Sud richting Corbeil-Essonnes, bij de 2e halte stap je uit: dit is Gare de Lyon
3. Bij Gare de Lyon neem je de directe trein naar Barcelona Sants (7 uur)
4. Vanaf Barcelona Sants gaan ook de rechtstreekse treinen naar Valencia-Estació del Nord (3 uur)
Tip: Omdat je 's avonds laat aankomt in Barcelona is het fijn om een (kleine) citytrip Barcelona aan je reis te koppelen. Dan reis je de volgende ochtend of een paar dagen later met de sneltrein naar Valencia.
Tip: Je kan je reis naar Barcelona in 1 keer bij NS International boeken (dan heb je gegarandeerd genoeg overstaptijd in Parijs). Ik heb het ticket naar Valencia los geboekt via de site van RENFE (de Spaanse spoorwegen).
Ten zuiden van Valencia ligt het meer van L’Albufera, wat een waar vogelparadijs is. Je fietst de stad uit via de Pont L’Assaut de l’Or en komt dan vrij snel uit bij een idyllisch fietspad langs het strand en door de duinen. Navigeer richting het bezoekerscentrum van het Nationale Park: Centre d’Interpretació Racó de l’Olla.
Dit park heeft mooie wandelpaden langs het kleinere meer waar je -als je mazzel hebt – flamengo’s kan spotten. Houd er wel rekening mee dat het park om 14.00 uur sluit (dan word je er echt uitgegooid), dus plan het zo dat je hier zeker een uurtje hebt om de toren te beklimmen en van het uitzicht te genieten en even rond te wandelen. De toegang is gratis. Bij de slagboom vragen ze alleen even uit welk land je komt, voor de statistieken.



Tip: Als je nog even 10 minuten doorfietst vanaf dit punt kan je (vegan) Paella eten in El Palmar, maar reserveer van tevoren wel even je plekje bij één van de restaurants. Zeker op zondag is het er druk met Spaanse families en toeristen die elk plekje op het terras bezet houden.
Lees ook: Deze plekken in Valencia ken je nog niet. 7 tips van een local
Zoals gezegd is Valencia zelf ook een fijne plek om op de fiets te verkennen. Je kan een fietstocht doen met een lokale gids (er zijn verschillende Nederlandse bedrijfes die dit aanbieden): dit leidt je vooral door het 9 km lange Turia Park, dat gebouwd is in een oude rivierbedding die dwars door de stad kronkelt.
De rivier zelf is na een verwoestende overstroming in 1957 verlegd naar buiten de stad. In het park vind je ook de futuristische witte gebouwen van de Ciudad de las Artes y las Ciencias (de stad van de kunsten en wetenschappen). Als je goed kijkt kan je hier een vis, de bek van een haai en die van een walvis in zien. De vis is tegelijkertijd een oog dat ‘dicht’ en open kan. De haaienbek is ontworpen naar het model van een Romeinse helm, in ere van de Romeinen die de stad Valencia 138 voor Christus stichtten.



Ook het oude havengebied is leuk om doorheen te fietsen. Hier zie je hoe oude pakhuizen ‘s avonds door kinderen gebruikt worden die er rolschaatsen of skateboarden. En als je toch aan het fietsen bent: Russafa is een heerlijke wijk met veel leuke tweedehands winkeltjes waar je heerlijk vegan kan lunchen bij Madrigal (doe als de Spanjaarden en bestel een 3-gangen menu voor ongeveer 15 euro) of fiets door El Cabanyal, een oude vissersdorp met kleurrijke huizen die aan Cuba doen denken en waar menig hip eet- of live muziektentje opent.
Lees ook: Waarom met de trein naar Barcelona gaan de beste reisbeslissing ooit was
Wyke Potjer is content manager van hetkanWEL. Ze heeft journalistiek gestudeerd en werkt sindsdien fulltime voor landelijke radio, televisie, print en online media. Ze is vegan, heeft geen auto, probeert plastic uit haar leven te bannen en biologisch te eten. Naast haar freelance bestaan als journalist geeft ze yogales (vinyasa en yin).
Reacties
Geen reacties